Frans · naamwoord

le bois

het hout

met lidwoordnaamwoorden · set 55

Voorbeeldzinnen

Ce menuisier travaille le bois depuis vingt ans.
Deze timmerman bewerkt al twintig jaar hout.
Nous avons ramassé du bois pour le feu.
We hebben hout verzameld voor het vuur.
Il faudra acheter du bois cet hiver.
We zullen deze winter hout moeten kopen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: le bois. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud le bois voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen le bois in ripiti