Voorbeeldzinnen
Le bord de la table est cassé.
De rand van de tafel is kapot.
Il a posé son verre sur le bord de l'évier.
Hij zette zijn glas op de rand van de gootsteen.
Nous marcherons sur le bord du lac demain.
We zullen morgen langs de rand van het meer lopen.
Let op
Het lidwoord hoort erbij: le bord. Zo leer je het geslacht meteen mee.
Onthoud le bord voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen le bord in ripiti