Frans · naamwoord

le chien

de hond

met lidwoordnaamwoorden · set 16

Voorbeeldzinnen

Mon chien aime courir dans le parc.
Mijn hond rent graag in het park.
Le chien a aboyé toute la nuit.
De hond heeft de hele nacht geblaft.
Nous promènerons le chien après le dîner.
We laten de hond na het avondeten uit.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: le chien. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud le chien voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen le chien in ripiti