Voorbeeldzinnen
Le client attend devant la caisse.
De klant wacht voor de kassa.
J'ai répondu au client par courriel.
Ik heb de klant per e-mail geantwoord.
Un client viendra demain pour sa commande.
Morgen komt een klant voor zijn bestelling.
Let op
Het lidwoord hoort erbij: le client. Zo leer je het geslacht meteen mee.
Onthoud le client voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen le client in ripiti