Frans · naamwoord

le examen

het examen

met lidwoordnaamwoorden · set 32

Voorbeeldzinnen

L'examen commence à dix heures.
Het examen begint om tien uur.
J'ai réussi l'examen la semaine dernière.
Ik ben vorige week voor het examen geslaagd.
Je dois réviser pour l'examen de demain.
Ik moet leren voor het examen van morgen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: le examen. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud le examen voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen le examen in ripiti