Frans · naamwoord

le malheur

de tegenslag, het ongeluk (pech)

met lidwoordnaamwoorden · set 59

Voorbeeldzinnen

Le malheur est arrivé très vite.
Het ongeluk gebeurde heel snel.
Il a vécu un grand malheur dans sa jeunesse.
Hij heeft in zijn jeugd een groot ongeluk meegemaakt.
Elle craint que le malheur revienne un jour.
Ze vreest dat het ongeluk op een dag terugkomt.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: le malheur. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud le malheur voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen le malheur in ripiti