Elle aimait son travail ; d'autre part, elle voulait voyager.
Ze hield van haar werk; anderzijds wilde ze reizen.
Nous pourrions rester ; d'autre part, rentrer serait plus simple.
We zouden kunnen blijven; anderzijds zou naar huis gaan eenvoudiger zijn.
Onthoud d'autre part voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.