Frans · verbindingswoord
or
welnu, maar (tegenstelling na vaststelling)
verbindingswoorden · set 3
Voorbeeldzinnen
Je pensais qu'il était chez lui ; or il était parti.
Ik dacht dat hij thuis was; welnu, hij was vertrokken.
Tout le monde croyait le magasin ouvert ; or il était fermé.
Iedereen dacht dat de winkel open was; welnu, hij was dicht.
Nous pourrons manger dehors ; or il risque de pleuvoir.
We kunnen buiten eten; maar het gaat waarschijnlijk regenen.
Onthoud or voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen or in ripiti