Voorbeeldzinnen
Il est jeune, pourtant il est très sage.
Hij is jong, toch is hij erg verstandig.
J'ai bien dormi, pourtant je suis encore fatigué.
Ik heb goed geslapen, toch ben ik nog moe.
Elle avait promis de venir, pourtant elle n'est pas venue.
Ze had beloofd te komen, toch is ze niet gekomen.
Onthoud pourtant voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen pourtant in ripiti