Frans · werkwoord
arroser
begieten, water geven
werkwoorden · set 53
Voorbeeldzinnen
Mon père arrose le jardin le soir.
Mijn vader besproeit 's avonds de tuin.
Elle a arrosé les fleurs ce matin.
Ze heeft vanochtend de bloemen water gegeven.
Il faut arroser les tomates demain.
Je moet morgen de tomaten water geven.
Onthoud arroser voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen arroser in ripiti