Frans · werkwoord
casser
breken, kapotmaken
werkwoorden · set 11
Voorbeeldzinnen
Le petit garçon casse toujours ses jouets.
De kleine jongen maakt zijn speelgoed altijd kapot.
J'ai cassé un verre en lavant la vaisselle.
Ik heb een glas gebroken tijdens het afwassen.
Attention, tu vas casser la fenêtre !
Pas op, je gaat het raam breken!
Onthoud casser voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen casser in ripiti