Frans · werkwoord

compter

tellen

werkwoorden · set 10

Voorbeeldzinnen

L'enfant compte jusqu'à vingt.
Het kind telt tot twintig.
J'ai compté les chaises dans la salle.
Ik heb de stoelen in de zaal geteld.
Tu dois compter l'argent avant de partir.
Je moet het geld tellen voordat je weggaat.

Onthoud compter voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen compter in ripiti