Frans · werkwoord

contrôler

controleren (keuren)

werkwoorden · set 47

Voorbeeldzinnen

Le policier contrôle les papiers des conducteurs.
De agent controleert de papieren van de bestuurders.
Ils ont contrôlé mon billet dans le train.
Ze hebben mijn kaartje in de trein gecontroleerd.
Il faut contrôler l'huile avant le départ.
Je moet de olie controleren voor vertrek.

Onthoud contrôler voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen contrôler in ripiti