Frans · werkwoord

couvrir

bedekken, toedekken

werkwoorden · set 20

Voorbeeldzinnen

Elle couvre le gâteau avec un torchon.
Ze dekt de taart af met een theedoek.
J'ai couvert l'enfant avec une couverture.
Ik heb het kind met een deken toegedekt.
Il faut couvrir les meubles avant de peindre.
Je moet de meubels bedekken voordat je gaat schilderen.

Onthoud couvrir voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen couvrir in ripiti