Frans · werkwoord
jouer
spelen
werkwoorden · set 5
Voorbeeldzinnen
Les enfants jouent dans le jardin.
De kinderen spelen in de tuin.
Nous avons joué aux cartes hier soir.
Wij hebben gisteravond kaart gespeeld.
Il jouera au football demain.
Hij zal morgen voetballen.
Onthoud jouer voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen jouer in ripiti