Frans · werkwoord

lancer

werpen, gooien

werkwoorden · set 14

Voorbeeldzinnen

L'enfant lance le ballon très loin.
Het kind gooit de bal heel ver.
Il a lancé la balle à son chien.
Hij gooide de bal naar zijn hond.
Tu peux me lancer les clés ?
Kun je me de sleutels toegooien?

Onthoud lancer voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen lancer in ripiti