Frans · werkwoord

réparer

repareren

werkwoorden · set 31

Voorbeeldzinnen

Mon père répare la vieille télévision.
Mijn vader repareert de oude televisie.
Le garagiste a réparé la voiture hier.
De garagehouder heeft de auto gisteren gerepareerd.
Je veux réparer ce vélo ce week-end.
Ik wil deze fiets dit weekend repareren.

Onthoud réparer voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen réparer in ripiti