Frans · werkwoord
tromper
bedriegen
werkwoorden · set 16
Voorbeeldzinnen
Il trompe ses clients avec de faux prix.
Hij bedriegt zijn klanten met valse prijzen.
Elle a trompé tout le monde.
Ze heeft iedereen bedrogen.
Je ne vais pas vous tromper.
Ik ga u niet bedriegen.
Onthoud tromper voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen tromper in ripiti