Frans · werkwoord
voyager
reizen
werkwoorden · set 23
Voorbeeldzinnen
Ils voyagent souvent en train.
Ze reizen vaak met de trein.
Nous avons voyagé toute la nuit.
We hebben de hele nacht gereisd.
Un jour, je voyagerai en Asie.
Op een dag zal ik door Azië reizen.
Onthoud voyager voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen voyager in ripiti