Spaans · bijvoeglijk naamwoord of bijwoord

pasado

afgelopen, verleden

bijvoeglijk & bijwoorden · set 6

Voorbeeldzinnen

El verano pasado fuimos a Galicia.
Afgelopen zomer gingen we naar Galicië.
El año pasado cambié de trabajo.
Vorig jaar ben ik van baan veranderd.
El lunes pasado nevó en la ciudad.
Afgelopen maandag sneeuwde het in de stad.

Onthoud pasado voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen pasado in ripiti