Spaans · naamwoord

el autobús

de bus

met lidwoordnaamwoorden · set 9

Voorbeeldzinnen

El autobús pasa cada hora.
De bus komt elk uur.
Esperamos el autobús media hora.
We wachtten een half uur op de bus.
El autobús parará en la plaza.
De bus stopt op het plein.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: el autobús. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud el autobús voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen el autobús in ripiti