Spaans · naamwoord

el espejo

de spiegel

met lidwoordnaamwoorden · set 74

Voorbeeldzinnen

Me miro en el espejo cada mañana.
Ik kijk elke ochtend in de spiegel.
El espejo del baño está sucio.
De spiegel in de badkamer is vies.
Compramos un espejo grande para el pasillo.
We kochten een grote spiegel voor de gang.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: el espejo. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud el espejo voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen el espejo in ripiti