Spaans · naamwoord

el gorro

de muts

met lidwoordnaamwoorden · set 82

Voorbeeldzinnen

El niño lleva un gorro azul.
Het kind draagt een blauwe muts.
Perdió su gorro en la nieve.
Hij verloor zijn muts in de sneeuw.
Me compré un gorro para esquiar.
Ik kocht een muts om te skiën.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: el gorro. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud el gorro voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen el gorro in ripiti