Spaans · naamwoord

la familia

het gezin, de familie

met lidwoordnaamwoorden · set 3

Voorbeeldzinnen

La familia se reúne en Navidad.
Het gezin komt met kerst bij elkaar.
Viene de una familia grande.
Hij komt uit een groot gezin.
La familia crecerá pronto.
Het gezin wordt binnenkort groter.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: la familia. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud la familia voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen la familia in ripiti