Spaans · naamwoord

la sal

het zout

met lidwoordnaamwoorden · set 6

Voorbeeldzinnen

Falta sal en la sopa.
Er zit te weinig zout in de soep.
Pasó la sal sin mirar.
Hij gaf het zout aan zonder te kijken.
Añadiré una pizca de sal.
Ik voeg een snufje zout toe.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: la sal. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud la sal voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen la sal in ripiti