Spaans · werkwoord

aprender a

leren te

met vast voorzetselwerkwoorden · set 65

Voorbeeldzinnen

Aprende a nadar.
Hij leert zwemmen.
Aprendí a conducir a los veinte años.
Ik leerde autorijden toen ik twintig was.
Aprenderás a cocinar.
Je zult leren koken.

Let op

Het voorzetsel hoort bij het woord. Zonder is het antwoord in ripiti fout: aprender a, niet aprender.

Onthoud aprender a voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen aprender a in ripiti