Spaans · werkwoord

cargar

laden, opladen

werkwoorden · set 38

Voorbeeldzinnen

Carga los sacos en el camión.
Laad de zakken in de vrachtwagen.
Cargamos el coche en diez minutos.
We laadden de auto in tien minuten in.
Cargaré el lavavajillas después de cenar.
Na het eten laad ik de vaatwasser in.

Onthoud cargar voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen cargar in ripiti