Spaans · werkwoord

depositar

storten, deponeren

werkwoorden · set 52

Voorbeeldzinnen

Deposita el cheque en el banco.
Stort de cheque bij de bank.
Depositó el dinero en su cuenta de ahorros.
Hij stortte het geld op zijn spaarrekening.
Depositaremos la fianza el lunes.
We storten maandag de borg.

Ook goed

ingresarbinnengaan

Op de kaart “storten” keurt ripiti ook ingresar goed. Andersom niet: bij ingresar is depositar geen goed antwoord.

Onthoud depositar voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen depositar in ripiti