Spaans · werkwoord
entrenar
trainen
werkwoorden · set 34
Voorbeeldzinnen
Entrena tres veces por semana.
Hij traint drie keer per week.
Entrenó duro para la carrera.
Hij trainde hard voor de wedstrijd.
Entrenaremos bajo techo si llueve.
We trainen binnen als het regent.
Onthoud entrenar voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen entrenar in ripiti