Spaans · werkwoord

lavar

wassen

werkwoorden · set 12

Voorbeeldzinnen

Lavo la ropa el domingo.
Ik was op zondag de was.
Lavó el coche a mano.
Hij waste de auto met de hand.
Lavaré los platos luego.
Ik doe straks de afwas.

Onthoud lavar voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen lavar in ripiti