Spaans · werkwoord

vender

verkopen

werkwoorden · set 11

Voorbeeldzinnen

Venden fruta muy barata.
Ze verkopen heel goedkoop fruit.
Vendió su moto a un amigo.
Hij verkocht zijn brommer aan een vriend.
Venderemos la casa en primavera.
We verkopen het huis in het voorjaar.

Onthoud vender voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen vender in ripiti