Dutch · verb

uitlenen

to lend

verbs · set 59

Example sentences

Ik leen mijn fiets uit aan een vriend.
I lend my bike to a friend.
Ze heeft haar boeken vaak uitgeleend.
She has often lent out her books.
Hij zal zijn auto dit weekend uitlenen.
He will lend his car this weekend.

Remember uitlenen for good. ripiti brings the word back just before you forget it, with these sentences. Free, no account needed, works offline.

practise uitlenen in ripiti