Duits · naamwoord

das Fleisch

het vlees

met lidwoordnaamwoorden · set 44

Voorbeeldzinnen

Ich esse nicht so viel Fleisch.
Ik eet niet zo veel vlees.
Das Fleisch hat gestern sehr gut geschmeckt.
Het vlees smaakte gisteren heel goed.
Wir müssen noch Fleisch für das Grillen kaufen.
We moeten nog vlees kopen voor het barbecueën.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: das Fleisch. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud das Fleisch voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen das Fleisch in ripiti