Duits · naamwoord

das Krankenhaus

het ziekenhuis

met lidwoordnaamwoorden · set 8

Voorbeeldzinnen

Mein Onkel liegt seit Montag im Krankenhaus.
Mijn oom ligt sinds maandag in het ziekenhuis.
Das Krankenhaus ist nur zehn Minuten entfernt.
Het ziekenhuis is maar tien minuten verderop.
Sie wurde gestern aus dem Krankenhaus entlassen.
Ze is gisteren uit het ziekenhuis ontslagen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: das Krankenhaus. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud das Krankenhaus voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen das Krankenhaus in ripiti