Duits · naamwoord

die Absicht

de bedoeling (intentie)

met lidwoordnaamwoorden · set 34

Voorbeeldzinnen

Ich hatte nicht die Absicht, dich zu ärgern.
Ik had niet de bedoeling je te ergeren.
Sie hat uns ihre Absicht gestern mitgeteilt.
Ze heeft ons gisteren haar voornemen meegedeeld.
Er wird seine Absicht bald erklären.
Hij zal binnenkort zijn bedoeling uitleggen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: die Absicht. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud die Absicht voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen die Absicht in ripiti