Duits · naamwoord

die Arbeit

het werk

met lidwoordnaamwoorden · set 2

Voorbeeldzinnen

Die Arbeit fängt bei mir um acht an.
Het werk begint bij mij om acht uur.
Ich habe gestern viel Arbeit gehabt.
Ik heb gisteren veel werk gehad.
Nach der Arbeit gehe ich noch einkaufen.
Na het werk ga ik nog boodschappen doen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: die Arbeit. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud die Arbeit voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen die Arbeit in ripiti