Duits · naamwoord

die Schokolade

de chocolade

met lidwoordnaamwoorden · set 98

Voorbeeldzinnen

Die Kinder essen gern Schokolade nach dem Abendessen.
De kinderen eten graag chocolade na het avondeten.
Ich habe dir eine Tafel Schokolade mitgebracht.
Ik heb een reep chocolade voor je meegebracht.
Zu Weihnachten werde ich viel Schokolade verschenken.
Met Kerstmis ga ik veel chocolade cadeau geven.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: die Schokolade. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud die Schokolade voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen die Schokolade in ripiti