Duits · naamwoord

die Tür

de deur

met lidwoordnaamwoorden · set 6

Voorbeeldzinnen

Bitte mach die Tür hinter dir zu.
Doe alsjeblieft de deur achter je dicht.
Jemand hat gestern an die Tür geklopft.
Iemand heeft gisteren op de deur geklopt.
Ich werde die Tür gleich öffnen.
Ik ga de deur zo meteen openen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: die Tür. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud die Tür voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen die Tür in ripiti