Duits · werkwoord

parken

parkeren

werkwoorden · set 57

Voorbeeldzinnen

Hier darfst du nicht parken.
Hier mag je niet parkeren.
Ich habe das Auto vor dem Haus geparkt.
Ik heb de auto voor het huis geparkeerd.
Er parkt immer in der Garage.
Hij parkeert altijd in de garage.

Onthoud parken voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen parken in ripiti