Duits · werkwoord

reparieren

repareren

werkwoorden · set 28

Voorbeeldzinnen

Mein Vater repariert gerade das alte Fahrrad.
Mijn vader repareert op dit moment de oude fiets.
Der Mechaniker hat das Auto schnell repariert.
De monteur heeft de auto snel gerepareerd.
Kannst du bitte die Lampe reparieren?
Kun je alsjeblieft de lamp repareren?

Onthoud reparieren voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen reparieren in ripiti