Duits · werkwoord
schlucken
slikken
werkwoorden · set 57
Voorbeeldzinnen
Die Tablette ist groß, ich kann sie kaum schlucken.
De tablet is groot, ik kan hem nauwelijks doorslikken.
Das Kind hat das Wasser auf einmal geschluckt.
Het kind heeft het water in één keer geslikt.
Er schluckt die Pille mit etwas Wasser.
Hij slikt de pil met wat water.
Onthoud schlucken voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen schlucken in ripiti