Duits · werkwoord

sein

zijn (toestand/plaats)

● onregelmatigwerkwoorden · set 1

Voorbeeldzinnen

Ich bin heute sehr müde.
Ik ben vandaag erg moe.
Gestern waren wir im Kino.
Gisteren waren wij in de bioscoop.
Morgen wird er zu Hause sein.
Morgen zal hij thuis zijn.

Vervoeging 5 tijden · goud is onregelmatig

tegenwoordige tijd (Präsens)voltooide tijd (Perfekt)gebiedende wijs (Imperativ)verleden tijd (Präteritum)
ichbinbin gewesen—war
dubistbist gewesenseiwarst
er / sie / esistist gewesen—war
wirsindsind gewesen—waren
ihrseidseid gewesenseidwart
sie / Siesindsind gewesenseien Siewaren
voltooid deelwoord (Partizip II) gewesen

Onthoud sein voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen sein in ripiti