Duits · werkwoord
sparen
sparen, besparen
werkwoorden · set 29
Voorbeeldzinnen
Ich spare jeden Monat etwas Geld.
Ik spaar elke maand wat geld.
Wir haben lange auf ein neues Auto gespart.
Wij hebben lang voor een nieuwe auto gespaard.
Du kannst Strom sparen, wenn du das Licht ausmachst.
Je kunt stroom besparen als je het licht uitdoet.
Onthoud sparen voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen sparen in ripiti