Frans · naamwoord

la voiture

de auto

met lidwoordnaamwoorden · set 13

Voorbeeldzinnen

Ma voiture est en panne depuis lundi.
Mijn auto is sinds maandag kapot.
Hier, nous avons lavé la voiture devant la maison.
Gisteren hebben we de auto voor het huis gewassen.
Il va acheter une voiture neuve l'année prochaine.
Hij gaat volgend jaar een nieuwe auto kopen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: la voiture. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud la voiture voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen la voiture in ripiti