Frans · werkwoord
marcher
lopen (te voet)
werkwoorden · set 9
Voorbeeldzinnen
Je marche vingt minutes pour aller au travail.
Ik loop twintig minuten naar mijn werk.
Nous avons marché toute la journée.
We hebben de hele dag gelopen.
Elle aime marcher le long de la rivière.
Ze houdt ervan langs de rivier te lopen.
Onthoud marcher voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen marcher in ripiti