Italiaans · naamwoord

il lenzuolo

het laken

met lidwoordnaamwoorden · set 53

Voorbeeldzinnen

Cambio le lenzuola ogni settimana.
Ik verschoon de lakens elke week.
Questo lenzuolo pulito profuma di bucato.
Dit schone laken ruikt naar de was.
Ho comprato lenzuola nuove per gli ospiti.
Ik heb nieuwe lakens voor de gasten gekocht.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: il lenzuolo. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud il lenzuolo voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen il lenzuolo in ripiti