Italiaans · naamwoord

il riso

de rijst

met lidwoordnaamwoorden · set 6

Voorbeeldzinnen

Il riso è al dente.
De rijst is beetgaar.
È avanzato riso da ieri.
Er is nog rijst over van gisteren.
Bollirò il riso per quattro.
Ik kook rijst voor vier personen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: il riso. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud il riso voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen il riso in ripiti