Italiaans · naamwoord

la squadra

het team, de ploeg

met lidwoordnaamwoorden · set 20

Voorbeeldzinnen

La squadra gioca in casa.
De ploeg speelt thuis.
La squadra ha vinto il campionato.
Het team heeft het kampioenschap gewonnen.
La squadra viaggerà in pullman.
De ploeg reist met de bus.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: la squadra. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud la squadra voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen la squadra in ripiti