Italiaans · naamwoord

la stazione

het station

met lidwoordnaamwoorden · set 41

Voorbeeldzinnen

Il treno parte dalla stazione centrale.
De trein vertrekt van het centraal station.
Ci vediamo davanti alla stazione.
We zien elkaar voor het station.
La stazione era piena di viaggiatori.
Het station was vol reizigers.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: la stazione. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud la stazione voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen la stazione in ripiti