Italiaans · werkwoord

afferrare

grijpen, vangen

werkwoorden · set 40

Voorbeeldzinnen

Il portiere afferra il pallone.
De keeper grijpt de bal.
Ha afferrato il bambino per mano.
Ze heeft het kind bij de hand gegrepen.
Afferrati alla maniglia, frenerò forte.
Hou je vast aan de handgreep, ik ga hard remmen.

Onthoud afferrare voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen afferrare in ripiti